10 Vragen aan… Olivier Verhaege

In deze rubriek stellen we bekende en minder bekende hardlopers tien vragen over hun geliefde sport.

Olivier Verhaege, 39-jarige jurist/fiscalist uit Lievegem (België), was altijd al sportief met voetbal en tennis. Hij begon pas echt met hardlopen in 2009 en heeft sindsdien al 37 marathons en 21 ultra’s in de benen. Olivier woont samen met Karen, met wie hij zoon Maxim (nog geen week oud) heeft, terwijl Karen nog een dochter uit een vorige relatie (Anaïs, 4 jaar oud) heeft. Olivier werkt zelfstandig en heeft een eigen boekhoudkantoor. Na kantooruren tracht hij zo vaak als mogelijk te gaan hardlopen. Hij deelt zijn passie voor hardlopen en ondernemen met anderen door het geven van presentaties en voordrachten.

1. Waarom ben je gaan hardlopen?

In 2009, na het voetbalseizoen, had een goede vriend het idee om eens te gaan voor een groot sportief doel. Waarom eens niet een marathon lopen? Ik had hier wel oren naar. De combinatie voetballen en werken in Brussel was niet evident. Ik miste af en toe een training en dat komt de motivatie niet ten goede. Hardlopen kan je doen wanneer je wil. Je bent van niets of niemand afhankelijk en iedere keer wanneer ik opnieuw thuis kwam, had ik een goed gevoel. Die eerste marathon werd uiteindelijk niks (4.17, nadat ik op de halve was doorgekomen in 1.46), maar ik had de smaak te pakken. Ik had een sport ontdekt die zo veel meer is dan sporten.

2. Wat vind je het mooiste van hardlopen?

Er is niet één verklaring waarom ik graag ga hardlopen. Er is uiteraard de tijd die je voor jezelf kan nemen. Er is geen iPhone, geen muziek of TV. Geen externe stimuli. Je hebt de tijd om na te denken. Een moment om creatief te zijn. Een moment om je dag te overlopen en plannen te maken. Ik lees graag filosofische boeken en stel me vaak vragen waar er geen duidelijk antwoord op komt. Dan helpt het om tijd te maken om daarover na te denken. En dat lukt voor mij het best als ik aan het hardlopen ben. Laat het ons houden op ‘fysiek filosoferen’.

Het is ook een moment om eens buiten te zijn. De buitenlucht te voelen. Ik zit een volledige dag op kantoor en heb er vaak nood aan om nog even die benen te strekken na de werkdag en het hoofd leeg te maken. Ik kan onmogelijk fysiek vermoeid zijn na een dagje werken.

En er is uiteraard ook nog het feit dat je fit blijft. Je krijgt er energie van terug.

3. Op welke loopprestatie ben je het meest trots?

Uiteraard ben ik immens trots op het feit dat ik de Spartathlon heb uitgelopen. Maar ik ben minstens even trots op het feit dat ik de beslissing heb durven nemen om er volledig voor te gaan. Er zijn 1.000 redenen om niet te gaan voor zo’n groot loopdoel, maar er is er ééntje waaraan ik mij heb gedurende de volle twee jaar heb vastgeklampt: ik wou dit echt doodgraag. Er was geen plan B.

Ik ben ook trots dat ik die rechtstreekse kwalificatie heb kunnen afdwingen, om te mogen starten in Griekenland. Dat is gebeurd op een atletiekpiste in Nederland, Santpoort-Noord, waarbij ik gedurende een goede 17 uur een afstand van 100 Miles heb gelopen op een atletiekpiste. Als mentale training kon dit tellen.

Maar er is ook de Heroes Ultra Crete, een trail in Kreta die éénmalig heeft plaatsgevonden. Ik ben daar in mijn ééntje naartoe gegaan: 156 km lopen door Kreta met 5.600 hoogtemeters, met een compas bij de hand. Ik ben maar liefst 27 uur helemaal alleen onderweg geweest. Die tocht blijft me minstens even hard bij als de Spartathlon. Het moment waarop je midden in de bergen, omringd met enkele honderden schapen de volle maan ziet, dan sta je even stil bij het leven.

4. Hoe pep je jezelf op als je geen zin hebt om te trainen?

Gedurende ongeveer een periode van 2 jaar heb ik gemiddeld 105 km in de week gelopen, met piekweken tot wel 200 km in de week, waarbij ik fulltime ben blijven werken. Het was een intense periode waarbij ik wekelijks slechts 1 rustdag heb genomen om op een andere dag tot 2x toe te gaan hardlopen. Ik kon dit enkel volhouden omdat ik een groot doel voor ogen had: ik wou die Spartathlon uitlopen. En op momenten dat het echt niet ging, dan maakte ik mezelf wijs dat ik niet de voorgeschreven training zou afwerken, maar gewoon 30’ zou loslopen. Eénmaal ik was vertrokken deed ik toch mijn vooropgestelde training. Het is vaak starten dat het zwaarste doorweegt. Je bent nooit ontevreden nadat je bent gaan hardlopen. Dat gevoel achteraf moet je voor ogen houden als je vertrekt. En als je de training niet perfect kan afwerken dan denk ik, beter een mindere training dan geen training.

Als je echt iets wil kunnen moet je er de tijd voor nemen. En blijven geloven in een goede afloop. Er is geen plan B, want dan hou je rekening met het feit dat het kan mislukken. Gewoon iedere keer opnieuw je uiterste best doen. Geluk dwing je af.

5. Wat is je persoonlijke loopdoel voor 2019?

Ik ben net papa geworden en heb voor het eerst sedert 2009 geen echt groot loopdoel. Ik loop nog een rustige marathon in juni (Torhout) en ben van plan om mijn PR op de marathon scherper te stellen in Amsterdam (2.54). Maar we gaan zien hoe het allemaal valt in te plannen met de baby. Uiteraard blijf ik verder hardlopen, ook zonder groot doel. Mijn lichaam en hoofd hebben dat nodig. En in 2020 trek ik opnieuw richting de UK voor de Race to the Stones (100 km off-road).

Als we kijken op lange termijn dan hoop ik stiekem om nog eens terug te kunnen gaan naar Griekenland. Al lijkt me de Elfstedentocht al hardlopend ook wel een mooie en stevige uitdaging. Ik loop bijzonder graag in Nederland, dat helpt.

Ik wou dit echt doodgraag. Er was geen plan B

6. Heb je één of meerdere looprituelen?

Ik draag enorm graag een ondershirt van Craft. Soms is het echt te warm om dit aan te trekken, maar het zit heerlijk. Mijn voeding is ook altijd gelijk: de dag voor een wedstrijd kip met rijst, wit brood met choco en pannekoeken. De dag van de wedstrijd enkel geroosterd brood met confituur en cornflakes (geen vet en veel koolhydraten). Ik drink ook de volledige week voor de wedstrijd dagelijks mijn bidon ORS (500 ml water met zakje ORS), maar ik eet niet echt meer. Door minder te trainen en evenveel te eten stapel ik toch wat koolhydraten. Ik heb een gevoelige maag en tracht geen zaken te veranderen in de week voor de marathon.

Tijdens het lopen heb ik wel 2 rituelen: ik zeg vaak een mantra: ‘Je bent een machine, je blijft gewoon gaan’ of naar het einde toe: ‘Vanaf nu is het from boy to beastie’.

Een ander ritueel, noem het eerder een gewoonte, op de ultralopen is het uitstellen van mijn beloning. Dan zeg ik: als je zo blijft hardlopen dan verdien je aan km 50 een cola. Wanneer ik dan aan km 50 kom zeg ik: We gaan het nog even uitstellen. Als je zo vlot blijft hardlopen dan krijg je een frisse cola aan km 60. En zo ga ik verder. Je mag het jezelf niet te snel te makkelijk maken. Zeker ook niet op training. Hoe harder je werkt op training, hoe makkelijk het wordt tijdens een wedstrijd.

En tenslotte, de dag vóór een wedstrijd ga ik uiterlijk om 22:00 uur slapen. Ook al kan ik de slaap niet vatten, ik blijf liggen, lees wat en maak me vooral niet druk. Ik doe wat ik kan in de voorbereiding zodat ik mezelf niks kan verwijten op de dag van de wedstrijd. Het blijft tenslotte ook maar hardlopen.

7. Waarom is hardlopen zo populair volgens jou?

Hardlopen is bijzonder makkelijk om in te plannen in je agenda. Waar je ook bent, je trekt je loopschoenen aan en je bent vertrokken. Hoewel hardlopen individueel is, zie je vaak ‘lichte loopgemeenschappen’ waarbij enkele vrienden samen op pad gaan tijdens het weekend. Het vergt ook beperkte tijd. Als je een uurtje bent gaan hardlopen heb je een goede training achter de rug. Je bent ook niet afhankelijk van materiaal of infrastructuur.

Als je door die zure appel kan bijten bij het starten met hardlopen, dan krijg je iets onbetaalbaar in de plaats: een goede conditie en een gezonde geest. Het is een soort therapie. Ik stel vast dat het de laatste jaren meer gaat om de beleving dan om die scherpe tijd. Een evolutie die ik graag zie gebeuren omdat er op die manier meer mensen gaan bewegen. Ik heb zelf een #challenge100 ontwikkeld in België die vorig jaar tot 5.500 gezinnen wist te bereiken (zie Fb en de website www.challenge100.be). Het doel is om samen met het gezin, of alleen, gedurende de maand april 100 km te wandelen of te hardlopen. Ik stel vast dat mensen een doel nodig hebben, maar dat hoeft niet altijd een wedstrijd te zijn. Je doet het tenslotte toch voornamelijk voor jezelf. Al is een leuke selfie vaak mooi meegenomen.

8. Hoe bereid je je voor op een wedstrijd?

Voor wat betreft de voeding (zie hoger). Het is belangrijk om mentaal klaar te zijn. Een wedstrijd is een zware fysieke inspanning, maar je hoofd moet er klaar voor zijn. Je moet zin hebben om te lopen, zonder dat de stress de bovenhand neemt. Bij mij lukt dit door de voorbereiding zo goed als mogelijk af te werken. Wat er tijdens een wedstrijd kan gebeuren heb je niet in de hand. Zeker niet bij de marathon of afstanden die verder gaan. Niet alles kan perfect lopen op een ultra. Je moet er rekening mee houden dat er zaken verkeerd kunnen gaan. En is dit het geval, geen energie aan verliezen maar je optrekken aan de zaken die wel goed gaan. En vertrouwen op je opgebouwde conditie. Ik heb ooit eens gelezen dat slechts 3 op 10 marathons perfect verlopen. Het is wel zo: als je niet goed bent voorbereid dan wordt een marathon nooit iets. Die afstand liegt niet.

9. Waar beleef je het meeste plezier aan als je hardloopt?

Aan het alleen zijn. Je lichaam voelen als je aan het hardlopen bent en ondertussen tijd nemen om na te denken. Dankbaar zijn voor het feit dat je kan hardlopen. Dat je lichaam dit toelaat. Ik kan ook enorm genieten van de seizoenen: de lentezon, een warme zomeravond, de gure wind in de herfst en de koude in de winter. Om te hardlopen is het nooit slecht weer.

10. Heb je een favoriet hardloopmoment?

Ik ga het liefste lopen als de avond valt, zomer en winter. Ik heb een drukke baan en niet echt veel tijd om te gaan hardlopen vóór 19:00 uur. Maar dat vind ik niet bijzonder erg. Het is gewoon heerlijk om nog even door de straten te dwalen terwijl bijna iedereen in de zetel hangt of voor de TV ligt. De rust die valt in de straten. De ideale afsluiter na een drukke werkdag. Bij thuiskomt een heerlijke douche, een zacht muziekje, een kommetje rijstpap en een knuffel van de vriendin. Meer heb ik niet nodig.

Vorige week verscheen bij Uitgeverij Angèle het boek Het hoofd weegt zwaarder dan de benen van Olivier Verhaege. ISBN 978 90 223 3612 0 | Paperback | 240 pag. | € 22,50. Lees meer.