Voetreis van Parijs naar Rotterdam

Zaterdag, 14 mei. Op het terrein van luchthaven Paris-Le Bourget verzamelen zich busjes, vrachtwagens, brandweerauto’s, motorrijders, campers en veel, heel veel mensen. Ze worden geleid naar een vaste parkeerplek op de basis. De meeste mensen zijn direct vanuit Nederland komen rijden, anderen komen van een logeerplek in de buurt van Parijs. Blije, maar ook gespannen gezichten stappen uit de voertuigen.

Het vertrek

Parijs, we zijn er. Vanaf die plek, vanaf bovenop een heuvel, zie je de Eiffeltoren staan. Maar die is wel een flink eind verwijderd van deze plek. Vlaggen van de Roparun wapperen lekker in de wind, de prachtige startboog is opgezet en er staat een hele grote tent. Een flinke rij dixies staat als een peloton soldaten opgesteld. Af en toe komt het zonnetje door, maar het is toch een flink stuk frisser dan de dag daarvoor. De laatste voorbereidingen worden getroffen, de spieren worden los gemasseerd, de verdeling van proviand en teamleden zijn in volle gang.

Voor de tent waar het team zich moet melden, staat onze persoonlijke heldin Nelly Coman, ambassadrice van de Roparun en ook de directeur zelf, om de teams welkom te heten. Het is tijd om de laatste pasta te stapelen en de grote schare bierbanken in de tent zijn goed bezet. Teams uit alle windstreken van Nederland, maar ook enkele internationale teams bevinden zich in de rij van de ongeveer 250 teams die vanuit Parijs vertrekken.

———————————————————————————————————————————-

Roparun voor beginners

De Roparun is een hardloopestafette vanuit Hamburg (560 km) of Parijs (520 km) naar Rotterdam. Dit jaar was de 25ste editie. Een team bestaat uit 2 x 4 lopers, en over het algemeen daarnaast uit 4 fietsers, 3 chauffeurs, 2 fysiotherapeuten/masseurs, 2 navigators, een cateraar en nog een organisatie daarnaast. De afstand wordt verdeeld in etappes, waarbij het team wordt opgesplitst in een A- en een B-team.

Een team bestaat uit 4 lopers, 2 fietsers, een chauffeur, een fysio en een navigator. Dit team loopt zijn etappe, waarna ze worden afgelost door het andere team. In de tijd dat het andere team loopt, wordt het eerste team verzorgd (eten, drinken, eventueel massage en slapen) en rijdt het busje door naar het einde van de volgende etappe, waarna het eerste team weer mag knallen (en dan om en om tot aan de finish). Per team geef je aan wat je verwacht dat je gemiddelde snelheid is, en probeert zoveel mogelijk om die snelheid vast te houden (dit om files bij de finish te voorkomen). Een loper begint, met een fietser/navigator voorop, en een achterfietser. Deze loopt een afgesproken afstand (vaak 2 km per keer, maar ook 1 km of zelfs 800m komen voor), stopt waar het busje staat, wordt dan afgewisseld door de volgende loper en gaat zelf voor drie maal de afgesproken afstand in het busje afkoelen, enzovoorts.

——————————————————————————————————————————————

Met je voltallige team begeef je je naar de start. Vier fietsers en een loper starten. Dat is, omdat het begin al meteen een run-bike-run stuk is. Op sommige stukken kan het busje niet stoppen, waardoor je meteen moet doorwisselen tot je het busje weer in kunt. Je loopt door het dichtbevolkte Dugny, tot je opeens door de ruimte en de pracht van de gele koolzaadvelden loopt. Dat geeft een bijzonder uitzicht, je loopt er eigenlijk voordat je doorhebt dat je de drukte kwijt bent. De fraaie wegen door Frankrijk, die je niet op een papieren plattegrond zou terugvinden, geven je een mooi beeld van de komende kilometers, dan wel niet de etappes. Want voor je het weet valt de nacht en heb je echt veel minder zicht.

Geluk

De vroege starters hebben het geluk dat ze in deze eerste etappe mogen genieten van een aangenaam zonnetje, dat ervoor zorgt dat de meeste van de laagjes loopkleding in de bus kunnen worden achtergelaten. Als Nederlander, niet uit het midden of zuiden des lands, kun je de beklimmingen en afdalingen al snel voelen branden in de kuiten. De nodige hoogtemeters worden gepakt. Sommige teams besluiten daardoor om de eerste etappes wat korter te maken, zodat beide teams evenveel klimbelasting pakken. De sfeer onderweg is die als op een feest. Iedereen moedigt elkaar aan, ook andere teams maken onderling vrienden. Je komt elkaar zeer zeker vaker onderweg tegen. Proviand wordt uitgewisseld, foto’s geschoten. Er wordt gelachen en er worden gekscherend weddenschappen afgesloten.

De sfeer onderweg is die als op een feest. Iedereen moedigt elkaar aan, ook andere teams maken onderling vrienden

Het einde van de etappe is in zicht. Iedereen is happy met zijn of haar prestatie, kijkt uit naar het rustpunt en heeft net doorgegeven wat ‘ie wil eten. De wat meer ervaren Roparunners weten dat het belangrijk is om zoveel mogelijk rust te nemen. Het basiskamp is voorzien van generatoren, campingbedjes en warme slaapzakken. Met geluk ook nog een tent daaroverheen. Hoe wij roparunners naar de wc gaan? Nou, in een tentje, op een kattenbak. Dat is geen grapje. Zeker de dames in het team zijn daar zeer blij mee, want de dixies onderweg zijn spaarzaam. En ‘if you got to go, you got to go!’. Douchen? Nee hoor… Dat doe je maar als je thuis bent. Het tweede team staat al te wachten op je komst. Je tikt de eerste loper aan en dan ben je vrij voor de komende etappe. Heerlijk! Kom maar door met die nasi/bami/poffertjes.

IMG_7533 2

De ‘kattenbak’ in het ochtendgloren

Trance

De volgende etappe start je in het holst van de nacht. Het is zo donker, je ziet geen hand voor ogen. Het is ijs- en ijskoud, ongeveer 6 graden Celcius. Brrrrrr. Genoeg laagjes aan, je verlichting aan, hoofdlamp op en starten maar. De rust en stilte zorgen ervoor dat je in de trance van je eigen cadans raakt. Het enige wat je ziet is de fietser vóór je, de koplamp van de fietser achter je, en met geluk wat sterren in de lucht. De lucht is zwaar en ijl, de heuvels zijn stijl. Persoonlijk vind ik dit de zwaarste etappe, het stuk van Picardie naar Beauvois en Vermandois. Met je team sleep je elkaar hier doorheen. De opkomende zon aan het einde maakt alles weer goed. Wissel van de wacht!

De volgende etappe voor ons had een finish bij de grensovergang met België. Hoe leuk is het dat je gewoon al zo ver bent? Natuurlijk moet er wel even een foto worden gemaakt bij de grensovergang. Gelukkig zijn de grenscontroles niet zo aangescherpt dat je hardlopend met je paspoort hoeft te passeren! Ondertussen is het al eventjes in de middag en heb je de derde etappe gehad. De prachtige velden van Frankrijk maken plaats voor de typische Belgische lelijke betonblokkige wegen met dito gebouwen ernaast. Het is dat het zonnetje zo heerlijk schijnt, en dat je leuke teamgenootjes hebt, anders zou je er bijna troosteloos van worden. De N285 lijkt een gebed zonder einde. Vanaf Asse verandert het beeld en loop je door wat pittoreskere delen. Mooie kerkjes en ook wat landerijen, wat aanstarende koeien. De eerste echte Roparun-stadjes dienen zich aan. Bijvoorbeeld het plaatsje Opstal, dat helemaal in sprookjesachtige sferen is aangekleed. Kinderen die je stukjes fruit aanbieden onderweg. Tentjes met muziek, buurtbewoners die je – met een kleedje over hun benen in de tuin – aanmoedigen. Wat leuk! Bijzonder dat heel zo’n dorp daarmee bezig is!

Ondertussen maak je je klaar voor de tweede koude nacht. De vierde etappe zit in de benen. De vermoeidheid begint te tekenen op de gezichten van je teamgenootjes. Gelukkig kun je niet in de spiegel kijken. Ook de eerste blessures dienen zich zo her en der aan. De gezelligheid in de dorpjes die je passeert, zorgen ervoor dat je eraan wordt herinnerd dat je het niet voor jezelf doet.

—————————————————————————————————————————————–

Het doel

De Roparun is een stichting die dit hardloopfestijn organiseert voor een bijzonder doel. Het probeert zoveel mogelijk geld bij elkaar te brengen voor de palliatieve zorg voor mensen met kanker. Alle teams proberen via activiteiten, sponsoring, wijn- stroopwafels, en gadget-verkoop zoveel mogelijk geld daarvoor bij elkaar te brengen. Buitenom de grote organisatie om de estafette in goede banen te leiden, gaat hier heel veel tijd in zitten. Vrijwel iedereen die je spreekt tijdens de Roparun loopt met de herinnering aan iemand die aan kanker heeft geleden in zijn of haar achterhoofd. De Roparun is geen race. Je kunt het er wel van maken, maar de Roparun is een doel. Iedereen die eraan deelneemt weet precies waarvoor. Wil je daar meer over weten? Dat kun je hier lezen.

————————————————————————————————————————————-—-

Feest

Hoe dichter je bij de Nederlandse grens komt, hoe groter de feesten. Zo heb je vlak vóór Antwerpen de steden Dendermonde en Zele. De hele nacht door worden teams daar ontvangen alsof ze de Koning en Koningin zelf zijn, op Koningsdag. Je mag over een podium lopen, je wordt ontvangen met luid applaus en een aankondiging van een speaker. Antwerpen is altijd een heel speciaal stuk. Je gaat namelijk door de Sint-Annatunnel, onder de Schelde door. Er staat een mannetje die de lift voor je opent, waarna je via een run-bike-run pas na zo’n 8 km pas weer gewisseld kunt worden. Als je geluk hebt, want het is een heel lastige route daar. Veel teams oefenen op deze doorkomst in het traject voorafgaand aan de run. Antwerpen zelf heeft niet echt een feest, het is vooral een lang stuk langs de snelweg N180. Het dorpje Ekeren maakt het al snel weer goed. Tot laat word je aangemoedigd door lallende feestgangers langs de route. Heerlijk, het verstopte bord van de grensovergang geeft je het gevoel dat je er al thuis bent. Nederland… met je mooie, verlichte fiets- en wandelpaden. Het door ballonnen geelgekleurde Bergen Op Zoom doet je heel even terugdenken aan de koolzaadvelden van Frankrijk, waar je een dag geleden nog liep. Ook daar is een groot feest op de markt. Ze bieden je zelfs een heerlijk broodje ei aan. Geloof me, daar heb je echt heel veel zin in na zo’n tocht. Je bent moe, je benen voelen wat zwaarder. Jij en je teamgenootjes zijn wat prikkelbaar. Even chillen nog.

Theo_Kloosterman_194869

De passage door Bergen op Zoom Foto: Theo Kloosterman

En dan: de laatste etappe! Je weet het, dit wordt een groot knalfeest! Dit laatste stuk van ongeveer 40 kilometer is een run-bike-run. Geen rust meer in de bus, fietsen of lopen is het devies! De doorkomst door Oud-Beijerland en Barendrecht is prachtig. Je krijgt een hand van de burgemeester, je wordt binnengehaald door het vele publiek langs de weg. Zij staan daar voor jou! (ok, misschien voor andere mensen die ze kennen die meedoen, maar het voelt alsof ze daar voor jou staan). Moe? Nee hoor, het publiek sleept je er doorheen.

Tranen

Je kunt de finish al ruiken. Maar toch komt dan het meest emotionele deel van de loop. Je passeert het Familiehuis Daniël den Hoed. Door de ramen zie je de gezichten van kankerpatiënten, die misschien te zwak zijn om naar buiten te gaan. Langs de kant staan mensen die hun hoed voor je afnemen. Een stem klinkt door de speakers, hij bedankt je. Rolstoelen en stoelen staan langs de kant met duidelijk gehavende patiënten. De mensen langs de weg geven je een hand of een knuffel. Je ziet de dankbaarheid in hun ogen. Je loopt hier voor hen. Hoezo je bent gesloopt door de run? Weet je wel wie er écht kapot zijn? Het zet je met beide benen op de grond. Je denkt aan de mensen voor wie jij loopt. Tranen biggelen langs de wangen van je teamgenootjes en van jou. Door emotie overmand loop je door. Nog maar een paar kilometer. De Laan op Zuid komt de Rotterdam Marathon lopers bekend voor, die leidt naar de Erasmusbrug. Met de laatste krachten verhoog je je tempo. Vlak vóór de Erasmusbrug ligt het checkpoint. Gefeliciteerd! You did it!! Je hebt met je team van Parijs naar Rotterdam gelopen. Bijzonder toch?

Je denkt aan de mensen voor wie jij loopt. Tranen biggelen langs de wangen van je teamgenootjes en van jou

De officiële finish is op de Coolsingel, waar je wordt gefeliciteerd door Nelly Coman. Je krijgt een prachtige Roparun Gerbera. De teamcaptain deelt medailles uit. Ze zijn zo mooi! Snel nog een teamfoto. Veel tijd om te feesten is er niet. Je hebt er ook niet zoveel energie meer voor. Want gemiddeld heb je als loper tussen de 60 en 70 km gelopen, met gemiddeld 6 uur slaap. Je bent gesloopt, maar zo voldaan!

Roparun, wat ben je mooi!

Tekst: Petra Kerkhove