Geplaatst op 20 juni 2017

Wim Nieuwkerk: De familie

Het klinkt als cliché dat achter iedere sporter ook een sterke man/vrouw staat. Op zich is dit gegeven waar, maar vergeet ook de andere gezinsleden niet. Het grootste gedeelte van mijn actieve sportcarrière kon ik rekenen op de steun van mijn ouders. Wim Nieuwkerk vertelt.

Bestelbus

Met een speciaal voor mijn sport aangeschafte bestelbus reisden we in de gehele Benelux van wedstrijd naar wedstrijd. Mede door hun steun kon ik semi-professioneel mijn sport bedrijven en had ik enkel zorgen over mijn studie, trainingen en voldoende rust. Rondom de wedstrijden was mijn moeder er altijd met de rugzak voor het aanpakken en aangeven van de kleding en was mijn vader steevast de chauffeur.

Later zijn deze rollen door mijn vrouw overgenomen. Nadat we elkaar op de atletiekbaan hadden leren kennen (hoe kan het ook anders) is ze in ‘mijn’ wereld gestapt. Gezamenlijk zijn we heel West-Europa en daarbuiten doorkruist, tot zelfs in Colombia toe. Met haar steun en begrip kon ik naast mijn werk onbezorgd sporten. Met af en toe stofzuigen was mijn rol in het huishouden beperkt. Samen hebben we vele mooie momenten, maar ook teleurstellingen beleefd, niet beter te weten dat het zo gaat als je samenwoont met een topsporter.

De steun van de familie is er nog steeds en vormt een enorme stimulans

Inmiddels, vele niveaus lager actief, is er de steun van de familie nog steeds en vormt een enorme stimulans. De wedstrijden zijn inmiddels beperkt en sinds de geboorte van onze zoon Siem komt het ook vaak voor dat ik alleen naar de wedstrijd ga en zelf mijn kleding in de rugzak stop. Voor velen is dit de normaalste gang van zaken, maar voor mij was het even een omschakeling. Daar het voor mij destijds belangrijk was om voldoende rust te hebben, moet nu onze kleine man voldoende slaapuren hebben.

Siem

In de afgelopen twee jaar is Siem mijn trouwste trainingsmaat geworden. Gezamenlijk hebben we vele kilometers met de fietskar of loopwagen gemaakt. De eerste tijd was ik vooral actief en hij lekker passief, maar inmiddels hebben we hele conversaties en zingen we tal van 4-daagse liedjes. Daarnaast is hij ook de rol van trainer op zich gaan nemen. Lopende over de West-Brabantse polderwegen maak ik met regelmaat een lus extra, omdat Siem nog even naar de bootjes of molens wil gaan kijken. Dat dit dan kilometers langer is en ik vervolgens moet haasten om toch enigszins op de afgesproken tijd thuis te zijn deert hem niet. Kilometers aan 17 km/h zorgen er dan voor dat we op tijd voor het eten zijn en dat ik een combinatie van kracht en snelheidstraining heb.

Tring…. Harder papa!

Als het mooi weer is mag Siem ook wel eens bij mijn vrouw voorop de fiets om papa te ondersteunen tijdens het lopen. Als hij dan zegt dat papa hard aan het rennen is, doet me dit toch goed, want blijkbaar zit er toch nog wel wat snelheid in. Uiteraard moeten er tijdens de looptraining ook wat tempowisselingen gedaan worden. Enigszins opgestookt door zijn mama kwam Siem met het idee dat papa harder moest lopen als hij met de fietsbel belde. Tring…. Harder papa. Gelukkig zei mama dat nog een keer bellen stoppen betekende. In het begin is dat leuk als papa versnellingen van 20 meter doet, maar langer laten zwoegen is nog leuker en zo ben ik soms de klos om minutenlang gedrild te worden door mijn trainer. Hoe moe de benen ook zijn, uiteraard geef ik niet toe als Siem vraagt “papa moe?” en stop ik pas als hij weer belt. Tijdens het lopen geniet ik van Siem zijn enthousiasme en is hij juist mijn stimulans om weer actiever te gaan sporten.

Enkele weken geleden behaalde ik samen met Siem mijn grootse sportsucces van de afgelopen jaren, namelijk winst in de Volkshuisvesterloop. Het was niet zozeer de eindtijd of de prestatie, maar juist de prijsuitreiking waarbij Siem me trots vergezelde op het podium. Hij nam de beker in ontvangst, liet deze aan iedereen zien en genoot van het applaus dat hij kreeg. Geen grote bekers of artikelen in de krant, maar juist de glimlach van een kind doet je beseffen dat je leeft. Over dat laatste zou je een heel lied kunnen schrijven.

Tekst: Wim Nieuwkerk