Zomerroest: het rennen weer opstarten

Nu de zomer ten einde loopt, in Nederland wel heel drastisch, is het weer tijd om het hardlopen serieus op te pakken. Naarmate de leeftijd oploopt – voorbij je vijftigste verjaardag tellen de jaren dubbel – is je lijf roestiger. Vier tips om weer goed op gang te komen.

1. ‘Begint wat gij bemint’

Voor een grote groep hardlopers is de eerste stap buiten de deur de zwaarste. Laat je niet verleiden, noch afleiden en ruil het koele glas rosé in voor endorfines. Je knapt ervan op.

2. Negeer het weer

Gebruik de Buienradar niet als excuus. Niets zo lekker om bij te hardlopen als een verfrissend buitje. Regen zorgt voor zuurstof in de lucht. Dus kijk vooruit: stel een doel om naartoe te werken. Maakt niet uit wat: een hardloopevenement waarvoor je je inschrijft, zonder problemen 5 of 10 kilometer kunnen lopen. Jij bepaalt het doel.

3. Train je hele lijf

Het is goed jezelf en je lichaam rust te gunnen. Je moet de tank toch opladen voor de winter en voor je werk. Het nadeel is dat vooral de spieren van je ‘core’ en het bovenlijf zomers in de ruststand staan. Neem daarom de tijd om naast het hardlopen ook te werken aan je core stability.

4. Push jezelf net even verder

Noem het de lantaarnpaal-truc: je bent aan je limiet, maar spreekt in je hoofd af dat je pas voorbij de vijfde lantaarnpaal mag gaan wandelen. Dat doe je vervolgens niet: je hebt namelijk die vijfde lantaarnpaal gewoon gehaald, dus plak je er nog vijf lantaarnpalen aan vast (en misschien nog wel meer). Een truc die ik zelf toepas, is een grotere lus aan mijn rondje vast te plakken. Alle extra meters heen moet je ook terug weer afleggen. Voordat je ’t weet heb je er een kilometer bij gescoord.

Tekst: Hans Pieters